Ondanks dat de fysieke winkelstraat de laatste tijd weer meer wordt bezocht, is leegstand een steeds groter probleem aan het worden. Om dat te voorkomen komt brancheorganisatie INretail in actie. 
 

Ondanks dat de fysieke winkelstraat de laatste tijd weer meer wordt bezocht, is leegstand een steeds groter probleem aan het worden. Momenteel staat vijf procent van alle winkelpanden leeg, maar volgens INretail loopt dit percentage - als er niks gebeurt - dit jaar op tot ten minste twintig procent. Om dat te voorkomen komt de brancheorganisatie in actie. 

Dat de coronacrisis de retail hard heeft geraakt, staat als een paal boven water. En dat laat ook zijn sporen na in de winkelstraten. Die zijn onderhevig aan een toenemende leegstand en als daar niks aan wordt gedaan, zal volgens INretail het aantal leegstaande winkelpanden alleen maar toenemen. Daarom bedacht de brancheorganisatie een ‘herstelplan voor de retail’ en stuurde dit naar toenmalig informateur Tjeenk Willink en de huidige informateur Mariëtte Hamer en alle politieke partijen. Met de hoop op verbetering en een nieuw kabinet dat zich meer inzet voor de retail.


Ook Romke de Jong, Tweede Kamerlid (D66), ontving dit plan en ging in op een uitnodiging voor een werkbezoek aan Utrecht. Onder begeleiding van INretail, Centrummanagement Utrecht (CMU) en de Utrechtse wethouder Klaas Verschuure kreeg hij afgelopen maandag een rondleiding door de binnenstad. Ondanks de stromende regen had De Jong een positief humeur en deed hij zichtbaar veel moeite om de binnenstad en haar (retail)ondernemers beter te leren kennen. “Ik vind het heel pijnlijk om zoveel leegstand te zien in een stad als Utrecht.Romke de Jong in gesprek met Jeroen Roose-van Leijden en Klaas Verschuure op de Steenweg in Utrecht

Leegstand terugdringen
Een van de oplossingen die in het herstelplan van INretail wordt geopperd is winkelgebieden kleiner en compacter maken en de leegstand opvullen met bijvoorbeeld woningen. “Vanwege de leegstandsontwikkeling moeten winkelgebieden kleiner worden om vitaliteit te behouden en aantrekkelijk te blijven. Dan blijven ze een waardevolle bijdrage leveren aan de directe leefomgeving van mensen. Door tot 2025 jaarlijks een miljoen vierkante meter winkelvloer uit de markt te halen, komt bovendien ruimte vrij voor ongeveer 50.000 woningen in dorpen en steden”, aldus INretail in het herstelplan.


De brancheorganisatie vindt dat de nationale overheid de regie weer naar zich toe moet trekken en tegelijk ook de leegstand moet terugdringen tot vijf procent in 2025. Momenteel staat ruim 9,6 procent leeg van het totaal aantal vierkante winkelmeters en de verwachte toename voor 2021 is dat twintig procent leeg komt te staan, zo valt te lezen in het herstelplan. Om dit tegen te gaan vraagt INretail het kabinet verder te investeren in de retail via ruime belastingmaatregelen, een landelijk herstelfonds voor private schulden en een pauze in te lassen bij voorgenomen wetgeving.


Gedeelde verantwoordelijkheid
Naast INretail maakt ook CMU zich hard voor het behoud van de fysieke winkelstraat. De stichting zet zich in Utrecht in voor een beter economisch functioneren van het centrum en probeert de binnenstad op vele manieren aantrekkelijk, gastvrij en bereikbaar te maken voor bezoekers. “Wij vinden het heel fijn dat er zowel vanuit de lokale als vanuit de landelijke politiek aandacht is voor de grote steden. We merken zelf ook dat de steun heel hard nodig zal zijn de aankomende tijd”, aldus Jeroen Roose-van Leijden, centrummanager bij het CMU.


De stichting zegt wel dat het om een gedeelde verantwoordelijkheid gaat. Niet alleen de politiek of vastgoedeigenaren zijn verantwoordelijk, ook ondernemers moeten hun steentje bijdragen. “Iedereen moet zijn eigen deel pakken. Zaken als huurverlaging kunnen worden opgepakt door de politiek en vastgoedeigenaren, maar ondernemers moeten zelf ook kijken welke afspraken zij hierover kunnen maken. Bijvoorbeeld in ruil voor huurverlaging een verlenging van een contract of huur die op een gegeven moment opbouwt naarmate de omzet weer meer wordt.”


Winkelstraat van de toekomst
Omdat Tweede Kamerlid De Jong zelf ook ondernemer is, weet hij extra goed wat ondernemers tijdens de coronacrisis hebben doorgemaakt, vertelt hij. “Je bedrijf is meer dan alleen je bedrijf en een harde stapel van cijfers. Het is vaak je kindje. Daarnaast ben ik zelf een fervent shopper, dus het doet pijn in je hart om te zien dat al die winkels leegstaan. En je ziet het niet alleen hier, maar in het hele land. Het is iets wat echt aan het toenemen is, dus daar maken wij ons als D66 in toenemende mate zorgen over.”


Namens D66 is De Jong bezig met een tour door ondernemend Nederland waarbij ze alle provincies langsgaan. Met als startpunt Utrecht. “We komen hier vooral om het net op te halen. We willen weten wat er speelt bij ondernemers, hoe zij de coronacrisis hebben ervaren en wat we daarvan kunnen meenemen voor in het toekomstige beleid van de aankomende vier jaar.” Hij vertelt dat D66 de focus legt op duurzaam ondernemen en de winkelstraat van de toekomst. “Daar willen we de aankomende jaren echt werk van gaan maken. Dat betekent investeren in winkelstraten en daarbij rekening houden met de ondernemers. Die hebben wij namelijk keihard nodig om de toekomstige dorpen en steden zo mooi en fijn te houden zoals ze nu zijn.”

Thomas Oebens

Dubbele lasten
Een van de ondernemers waar De Jong is langs geweest is Thomas Oebens, eigenaar van Oeben’s Mercantile dat in maart 2016 op Oudkerkhof zijn deuren opende. Oebens was blij om zijn verhaal te doen. “Het is fijn om te weten dat je gehoord wordt en alle kleine beetjes helpen.” Ook zijn zaak is namelijk hard geraakt. In 2020 daalde de omzet met zo’n vijftig procent, maar zijn personeel heeft hij grotendeels binnen kunnen houden door steun vanuit de overheid. Momenteel zit hij - mede door de groeiende online verkoop - weer op 85 procent van zijn omzet van twee jaar geleden. “Dat is heel goed leefbaar. Het is ietsje minder, maar een daling van tien tot vijftien procent moet iedere ondernemer wel aankunnen. Ik heb alleen nog wel behoorlijk wat rekeningen liggen van het afgelopen jaar. Dus ik kijk nog minstens twee jaar tegen dubbele lasten aan.”


Vanuit de politiek hoopt Oebens dat ze iets met de belastingschuld gaan doen. “Ik weet dat mijn verhaal daarin niet uniek is. Dat deel ik met veel anderen en dan sta ik er volgens mij nog redelijk goed voor. Ik maak me daarin misschien wel meer zorgen over anderen ondernemers. Die heb ik namelijk ook nodig om als winkelgebied interessant te blijven. 

Tom Broekman

Slapende Kamerleden
Ook Tom Broekman, voormalig eigenaar van kledingwinkel Broekman mocht Kamerlid De Jong ontvangen in zijn zaak. Het familiebedrijf bestaat al sinds 1837, waarvan hijzelf de vijfde generatie is. De zesde generatie, zijn kinderen, hebben inmiddels het stokje overgenomen. Maar voor dit soort zaken, stapt hij toch nog wel even graag naar voren. “Het is ontzettend belangrijk dat de politiek, en dan met name de Tweede Kamer, weet wat er speelt. En we moeten zien te voorkomen dat we een tweede toeslagenaffaire krijgen. Ik ben dan ook van mening dat die affaire voor een groot deel komt door het liggen slapen van de Tweede Kamerleden.” 


Dat is in het geval van leegstand precies zo, volgens de winkeleigenaar. Hij noemt als voorbeeld het op maandag gepubliceerde rapport van ABN Amro. Daarin staat dat veel ondernemers die vanwege de coronacrisis belastinguitstel hebben gekregen, er waarschijnlijk jaren over doen om deze schuld af te lossen. “Lang niet de hele retail heeft het slecht gedaan, maar bepaalde sectoren zoals de mode- en schoenenretail hebben het wel moeilijk. Als je dan zegt dat het wel meevalt met de retail, dan worden de branches die zwaar zijn getroffen daarin vergeten.”


Naast het kijken naar de belastingschuld haalt Broekman ook het idee voor meer woningen in de binnenstad aan. “We zijn zelf bezig met een plan om vijftien appartementen boven onze winkel te bouwen. Maar de binnenstad kan ook worden gevuld met meer kunst en cultuur, met gastronomie, ambachtelijke bedrijven en ateliers. We zijn een hartstikke creatieve stad en er kunnen ontzettend veel dingen interessant zijn die kunnen bijdragen aan een meer bruisende binnenstad.”


Perspectief
Allemaal punten waar De Jong met alle zorg naar heeft geluisterd en mee zal nemen naar Den Haag, vertelt hij. “Ik zie in een stad als Utrecht een hele duidelijke visie wat te doen met leegstand. Daar ben ik heel blij mee en ik heb weer ontzettend veel geleerd vandaag. Maar nu is echt de zorg voor perspectief. Daarom hoop ik dat de maatregelen snel versoepeld kunnen worden, want het zou voor iedereen fijn zijn als er weer wat vollere straten en winkels zijn. Dan kunnen ondernemers weer naar het volgende seizoen kijken en niet alleen maar bezig zijn met overleven.”

Dit is een premium artikel

Verder lezen?

Word member van RetailTrends

€28,75 Per maand

Log in of word member van RetailTrends en krijg toegang tot alle premium content.

Altijd op de hoogte van de laatste trends in de retailsector.

Schrijf je nu in voor de nieuwsbrieven van RetailTrends.

Je bent toegevoegd aan onze mailinglijst!