De traditionele ijscoman bestaat nog altijd in ons land. In totaal telt Nederland zo’n vijfhonderd ijsventers die ijs verkopen vanaf een fiets of uit een busje. Ouderwets bellend door de straten rijden op zoek naar klandizie komt echter nog maar weinig voor. De ijscoman van nu heeft namelijk meestal een vaste standplaats.

Dat heeft er onder meer mee te maken dat de zaken tegenwoordig niet voor gouden bergen zorgen. Een van de vijfhonderd, Steef van Aart: “Voor je je eerste ijsje schept, ben je al vier-, vijfduizend euro kwijt.” Veel ijscomannen houden er dan ook een tweede baantje of een pensioen op na, naast dit beroep. Daarnaast hebben mensen tegenwoordig vaker dan vroeger zelf ijsjes in de vriezer liggen.