“Waren we in 2008 onderdeel van het probleem, nu zijn we onderdeel van de oplossing”, zeggen de banken in koor. Mooie woorden, of – eindelijk – ook mooie daden? Een belrondje langs belangenbehartigers en banken.

“Waren we in 2008 onderdeel van het probleem, nu zijn we onderdeel van de oplossing”, zeggen de banken in koor. Mooie woorden, of – eindelijk – ook mooie daden? Een belrondje langs belangenbehartigers en banken.


Jan Meerman verslikte zich bijna in een dropje. Hoorde de voorman van INretail dat nou goed? Klaas Knot, de president van de Nederlandsche Bank, zei onlangs in tv-programma Op1 dat zo veel mogelijk ondernemers die ‘in de kern gezond zijn’ door de crisis heen moeten worden geholpen. Prima. Maar dan dat tussenzinnetje: “Ondernemers die overigens ook in de kern gezond moeten zijn bij het anderhalvemeterbeleid.”


Hij is nog steeds des duivels. “Die Klaas Knot moet terug naar de basisschool. Hij is heel intelligent hè, maar van ondernemers heeft hij nul komma nul verstand. Echt nul. Hij beweert eigenlijk dat je geen goede ondernemer bent als je in de anderhalvemetereconomie geen business kunt maken. Jonge jonge jonge, man man man.” Hij gaat verder: “Als in je restaurant normaal gesproken tweehonderd mensen zitten en je moet nu terug naar veertig of vijftig man, hoe kun je daar dan een businessmodel op maken? Mode idem dito. Hoe maak je in de Kalverstraat je winkel exploitabel op anderhalve meter? Dat kan niet. Een absurde eis.” Het is het toontje van de bankiers waar Meerman zich vaker aan stoort. “Dan kom je als ondernemer bij de bank en krijg je de vraag: ‘Heeft u wel genoeg gedaan om de omzet niet zo fors te laten verminderen? Of: ‘Heeft u niet eerst wat privégeld erin gestoken?’ Tja, met tachtig procent minder omzet helpt niets! Dan heb je gewoon heel snel geld nodig.”


Check dubbelcheck 
En als banken daarna nou over de brug kwamen. Maar nee, vindt Meerman. Banken zijn volgens hem veel te star bij kredietverlening aan het mkb. Op grond van de regeling BMKB-C kunnen banken met een staatsgarantie geld lenen. Slechts een op de tien aanvragen van de mode-, sport-, schoenen- en woonwinkels is gehonoreerd, zegt Meerman. De Nederlandse Vereniging van Banken (NVB) meldde op 1 mei dat er tweeduizend van die kredieten zijn verstrekt, maar zei er niet bij hoeveel aanvragen er waren ingediend en hoeveel er dus zijn afgewezen.


Voorzitter Jacco Vonhof van MKB-Nederland vindt het dan ook lastig te beoordelen of tweeduizend veel is of niet. “Op grond van de signalen hebben we niet de indruk dat het bij de banken soepel met de regeling loopt en krijgen veel bedrijven nul op rekest. Bijvoorbeeld, een schoenenwinkel die al zestig jaar bestaat, geen overbruggingskrediet krijgt en niet weet waarom.” Vonhof bespeurt geen onwil bij de banken, het komt volgens hem door de eisen en procedures die nog steeds dezelfde zijn als vóór de crisis. Check, check, dubbelcheck. “Dat is vanuit de banken geredeneerd begrijpelijk, maar in deze situatie hebben ondernemers behoefte aan snelheid en duidelijkheid en – vooral – liquiditeit.” Hij is daarom blij dat minister Eric Wiebes en staatssecretaris Mona Keijzer van Economische Zaken een nieuwe regeling hebben aangekondigd. De overheid staat daarbij voor 95 procent garant voor overbruggingskredieten tussen de tienduizend en vijftigduizend euro en de rente die de banken berekenen mag niet hoger zijn dan vier procent. “Dit kan duizenden ondernemers helpen.”


Retailspecialist Dirk Mulder van ING vraagt begrip voor de opstelling van banken. “Kredietuitbreiding doen we alleen maar als het in onze ogen verantwoord is. We hebben een zorgplicht richting onze relatie. En twee: de overheid stelt dat ook als eis. Die zegt: we willen de garantie wel afgeven, maar ook dat jullie beoordelen of dat geld uiteindelijk terugkomt. Het is geen subsidie en geen cadeautje.” Zijn collega Henk Hofstede van ABN Amro wijst daar ook op. “Ik kan mij voorstellen dat ondernemers een afwijzing niet leuk vinden, maar de bank is niet de pinpas voor ondernemers. Een overbruggingsfinanciering is een van de oplossingen voor de huidige liquiditeitsproblemen, niet dé oplossing. De bank moet toetsen of de ondernemer het redelijkerwijs in vier jaar kan terugbetalen.” Overcreditering moet voorkomen worden en als een bedrijf onverhoopt omvalt, toetst de bank achteraf of de bank de inzet van de staatsborgstelling naar behoren heeft gedaan. Hebben wij het niet goed gedaan? Dan is het volledige risico voor de bank.”


Ook Jos Voss en Olaf Zwijnenburg van de Rabobank wijzen op de zorgplicht. “Waardoor we hen bijvoorbeeld niet met te veel schulden kunnen en mogen opzadelen.” Ze zeggen te beseffen dat de problemen bij ondernemers groot zijn en dat de oplossing niet snel genoeg kan komen. Daarom maken ze ook inzichtelijk welke informatie nodig is om het kredietproces soepel te laten verlopen. “We wisselen ook concrete cases uit waarbij het proces niet goed is gegaan en sturen waar nodig bij.” In de crisis begonnen banken met aflossingen doorschuiven: lopende leningen mogen een halfjaar later worden afgelost. Meerman en Vonhof zijn daarover te spreken. “Dat is prima en daar ben ik blij mee”, zegt Meerman. En Vonhof: “Inmiddels hebben meer dan honderdduizend ondernemers uitstel van betaling gekregen, met een totale waarde van 2,7 miljard euro. Het is de effectiefste maatregel van de banken voor de noodzakelijke liquiditeitssteun, zo blijkt.”


Post-corona
Wees nu en straks ruimhartig, is Vonhofs boodschap aan banken. “En heb begrip voor de bizarre en moeilijke situatie waarin veel ondernemers zijn terechtgekomen.” Hij vindt dat er ook moet worden gekeken naar de schulden die ondernemers in deze periode noodgedwongen opbouwen. “Hoe gaan we daar na de crisis mee om? Zo is het goed dat de looptijd van een BMKBkrediet door het kabinet is verlengd tot vier jaar, zodat ondernemers meer tijd hebben om deze terug te betalen.” Mulder (ING) vraagt retailers na te denken over de vraag welke veranderingen de crisis met zich meebrengt. “We zien een versnelde verschuiving naar e-commerce. Daarover zullen we ook met onze relaties het gesprek aan moeten: hoe zien zij dat? De crisis gaat ook impact hebben op de hele supplychain. We zien de afhankelijkheid van het Verre Oosten: willen we dat nog? En wat betekent het voor de duurzaamheidsslag die we hebben ingezet? Als je specifiek naar de problemen in de modebranche kijkt: het is een business tegen flinterdunne marges en er staan vaak hoge financieringen tegenover. Hoe gaan we dat in de toekomst doen?”


Hofstede (ABN Amro) zegt dat retailers mogen verwachten dat de bank kritisch meedenkt. “Dat deden we als sectorbank al vóór de crisis. Dit zijn we verplicht richting ondernemers, maar ook richting onze spaarders en de belastingbetaler. Strategisch sparren wordt alleen maar belangrijker.” Voss en Zwijnenburg (Rabobank) verwachten dat de crisis tot een versnelling van trends gaat leiden die ook ‘vóór corona’ al zichtbaar waren. “Zo is het belang van digitalisering en innovatie verder onderstreept. Ook is het belangrijker dan ooit dat retailers een onderscheidende formule hebben die klanten motiveert om de winkels te bezoeken. Na de crisis gaan we het gesprek met onze klanten opnieuw aan over deze trends en hoe ze daarop gepositioneerd zijn. Maar dat is voor later. De prioriteit nu is om de retailers zo goed mogelijk door de crisis te helpen.”

Dit is een premium artikel

Verder lezen?

Word member van RetailTrends

€28,75 Per maand

Log in of word member van RetailTrends en krijg toegang tot alle premium content.

Altijd op de hoogte van de laatste trends in de retailsector.

Schrijf je nu in voor de nieuwsbrieven van RetailTrends.

Je bent toegevoegd aan onze mailinglijst!