Biologisch heeft bij de meeste grote Nederlandse A-merken geen prioriteit. Dat concludeert denktank Questionmark na onderzoek, dat mede is gefinancierd door de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland.
Van de 70 grootste A-merken heeft 86 procent geen biologisch product in de Nederlandse supermarkten liggen. Volgens Questionmark staat dit in schril contrast met de maatschappelijke opgave: de EU wil dat in 2030 een kwart van de landbouwgrond biologisch is. Nederland mikt op 15 procent, terwijl nu nog maar 4,8 procent van het landbouwareaal biologisch wordt gebruikt.
In tegenstelling tot supermarkten hebben A-merken geen doelstellingen om biologisch te laten groeien, blijkt uit het onderzoek. Ze richten zich vooral op 'laagdrempelige duurzaamheidsprogramma's'. Hak en Arla hebben het breedste biologische aanbod, met gemiddeld circa 10 biologische producten in de grote Nederlandse supermarkten.
Reactie FNLI
De Federatie Nederlandse Levensmiddelen Industrie vindt dat het onderzoek onvoldoende recht doet aan de verduurzamingsinspanningen van producenten. Volgens de koepelorganisatie kan de voedselketen op meerdere manieren worden verduurzaamd. Biologische landbouw is daar één van, maar niet de enige.
"Door andere verduurzamingsprogramma's als 'laagdrempelig' neer te zetten, schetst Questionmark een vertekend beeld", zegt FNLI-directeur Cees-Jan Adema. "Veel bedrijven investeren structureel en op grote schaal in programma's met concrete doelen en meetbare resultaten voor klimaat, bodem, biodiversiteit en waterkwaliteit."
Reacties 0