Het reële beschikbare inkomen van Nederlandse huishoudens daalde opnieuw in 2005. Dat is de vierde opeenvolgende daling van de koopkracht. Dat meldde het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) gisteren.

Vorig jaar daalde de koopkracht met 0,7 procent ten opzichte van een jaar eerder. Over de hele kabinetsperiode Balkenende nam het beschikbare inkomen met 4 procent af. Hiermee is de inkomensstijging van 6 procent in het laatste kabinetjaar voor tweederde verdwenen.

De heropleving van de economie was vorig jaar vooral goed voor meer bedrijfswinsten en het terugdringen van het overheidstekort. “Dit jaar neemt de koopkracht waarschijnlijk wel toe”, denkt Michiel Vergeer, econoom bij het CBS. “Meer mensen hebben een baan en de loonstijging ligt nipt boven de inflatie.”

Ondanks de daling van het besteedbare inkomen, stegen de uitgaven voor consumptiegoederen vorig jaar. “De uitgaven lagen hoger dan de inkomsten. Daarvoor is spaargeld uitgegeven, waarbij consumenten de waardestijging van hun huizen gebruikten.”