Twintig manieren om retail een impuls te geven

Minister Henk Kamp van Economische Zaken heeft vandaag de Retailagenda bekendgemaakt, waarin twintig RetailDeals staan. Onder meer Detailhandel Nederland, INretail, Thuiswinkel.org, de Nederlandse Raad voor Winkelcentra en Vastgoed Belang trekken in dit kader samen op om de aantrekkelijkheid van winkelstraten te vergroten. Zo moet in ons land meer ruimte komen voor de combinatie van horeca en winkels. Dit plan en de andere actiepunten uit de Retailagenda staan hier op een rij.

1. Gemeentelijke aanpak met de RetailDeal
Vijftig Nederlandse gemeenten gaan knopen doorhakken met lokale vastgoedeigenaren en retailers om de winkelstraten nieuw leven in te blazen. Dat kan bijvoorbeeld door een detailhandelsvisie te ontwikkelen over waar geïnvesteerd wordt en waar winkeloppervlakte moet verdwijnen, en door een concreet actieplan met prioriteiten te ontwikkelen.

2. Gemeentelijke ondersteuning met de retaildeal toolkit
Gemeenten krijgen een gereedschapkist met informatie en ondersteuning voor lokale spelers, zoals het rapport ‘Winkelgebied van de toekomst’ van Detailhandel Nederland.
Een ander punt binnen deze afspraak is het opstellen van scenario’s over toekomstige winkelstructuren. Zo is er veel onduidelijkheid over de toekomstige rol en positie van perifere winkels. De kans is volgens de overheid groot dat binnen dit segment grote veranderingen plaatsvinden die ook de binnensteden beïnvloeden. Denk alleen al aan de gevolgen van brancheverruiming op meubelboulevards. Door verschillende scenario’s te ontwikkelen moeten trends en ontwikkelingen inzichtelijk worden zodat betrokken partijen er beter op kunnen anticiperen.

3. Stimuleren lokale samenwerking voor toekomstgerichte winkelstraten
Het is voor winkels en winkelstraten een grote uitdaging om aantrekkelijk te blijven en toegevoegde waarde te creëren voor het winkelend publiek. Er zijn allerlei digitale mogelijkheden, maar hoe zet je die in de winkel en op straatniveau in? Het Platform De Nieuwe Winkelstraat (DNWS) gaat met lokale Rabobanken en stakeholders actieplannen opstellen om winkelstraten klaar te maken voor de toekomst. Dat gebeurt onder meer door vraag en aanbod op dit vlak bij elkaar te brengen.

4. Regierol van provincies bij toekomstige winkelgebieden
Provincies moeten daadwerkelijk de touwtjes in handen nemen als het gaat om het uitvoeren van het ruimtelijk-economisch beleid. Dit moet leegstand voorkomen en zorgen voor een beter functionerende winkelvastgoedmarkt. Provincies kunnen bijvoorbeeld partijen uit de regio uitdagen om met innovatieve oplossing te komen.

Overijssel is daar een goed voorbeeld van. De provincie wees in 2014 subsidie toe aan pilots die de problematiek rond winkelleegstand aanpakten. Het project Het Nieuwe Winkelen in Deventer kreeg zo’n subsidie. Er is een website en een mobiele city-app ontwikkeld om het winkelen in de stad te vergemakkelijken. Zo kunnen consumenten tijdens het winkelen gebruikmaken van een online veiling.



5. Proeftuinen compacte en vitale winkelgebieden
Winkelgebieden kunnen een impuls krijgen als ze compacter worden. Overbodige winkelmeters worden dan immers uit de markt gehaald. Onder meer Roosendaal is betrokken bij gesprekken om met experimentele oplossingen die loze winkelmeters te schrappen, zodat de markt kan herstellen.

Een mogelijke manier die de overheid ziet om winkelgebieden compacter te maken is stedelijke ruilverkaveling. Dordrecht experimenteerde twee jaar geleden met ruilverkaveling, maar dat liep op niets uit. Veel steden kampen met koudwatervrees, merkte directeur Lars Pijlman van adviesbureau Seinpost. Zo wordt vaak geroepen dat de markt gewoon zijn werk moet doen en dat binnenstedelijke herontwikkeling te ingewikkeld of alleen voor het platteland is. De provincie Gelderland snuffelt inmiddels aan ruilverkaveling in pilots in bijvoorbeeld Arnhem, blijkt uit deze analyse die onlangs op RetailWatching verscheen.

6. Meer flexibiliteit in de vastgoedmarkt
Detailhandel Nederland en vastgoedpartijen maken afspraken om de markt op korte termijn te verbeteren. Zo staan afspraken op de planning rond marktconforme huurprijzen en hoe huurder en verhuurders kunnen investeren in de winkelgebieden. In de komende drie maanden moeten die overeenkomsten uitgewerkt zijn.

7. Efficiënte logistiek
Bij de bevoorrading van winkels zorgen venstertijden en milieuzones nog weleens voor hobbels. Detailhandel Nederland gaat met gemeenten en betrokkenen uit het bedrijfsleven op zoek naar manieren om de logistiek te optimaliseren.

Een mooi praktijkvoorbeeld is het Stadslogistiek Centrum dat onlangs in Delft opende. Vervoerders kunnen pakketten met een adres in de binnenstad als eindbestemming voortaan afgeven bij het nieuwe centrum. Stadslogistiek Delft bundelt deze goederen vervolgens, waarna PostNL de orders met kleine elektrische voertuigen thuisbezorgd. Zo moet de bevoorrading van de binnenstad gemakkelijker, schoner en efficiënter worden.



8. Investeren in mensen
Medio 2015 wordt de zogenoemde Human Capital Agenda Retail gepresenteerd. Hierin staan de benodigde competenties van personeel die de nieuwe werkelijkheid vraagt. Zo is er veel behoefte aan medewerkers met kennis over e-commerce, terwijl er ook meer werknemers nodig zijn die kunnen werken in nieuwe concepten met gastvrijheid en beleving.

9. Mensen meenemen
In het voorjaar van 2015 stellen sociale partners binnen de detailhandel een sectorplan op dat de transitie van werknemers in retail bevordert. Er moeten 250 transitietrajecten komen waarin personeel wordt opgeleid zodat het voldoende gekwalificeerd is voor de nieuwe eisen die aan retail worden gesteld. Een retailer wordt immers steeds meer een dienstverlener en in de winkels ontstaat behoefte een gastvrij en servicegericht personeel.

10. Bevorderen van omnichannel vaardigheden
Komend voorjaar start een pilot waarbij retailers uit de woon-, mode- en schoenenbranche samenkomen in zogenoemde learning circles. Retailers die hun vaardigheden op omnichannel gebied willen ontwikkelen, kunnen daar vakgenoten en kennisaanbieders ontmoeten. Deze learning circles zijn onderdeel van de e-Academy die brancheorganisatie Thuiswinkel.org gestart is.

11. Europese kansen voor de retail pakken
De Nederlandse detailhandel wordt in zijn groei geremd door de hoeveelheid aan regels en het verschil in regels tussen de Europese lidstaten. Retailers hebben een lijst opgesteld met dergelijke belemmerende regels en deze wordt ingebracht in overleggen. Zo zouden regels rond btw-afdrachten, consumentenbescherming en verpakkingseisen binnen Europa beter op elkaar afgestemd kunnen worden.

Voor bijvoorbeeld de verkoop van elektronische producten als films, muziek en e-books moeten webwinkeliers sinds dit jaar het btw-tarief heffen van het land waar de consument woont. Dat heeft grote gevolgen voor de administratieve rompslomp. Wanneer bijvoorbeeld een Duitser een e-book koopt, moet de webwinkel de negentien procent btw overmaken naar Duitsland.

12. Bevorderen export door informatie en inspiratie
Retailers worden geïnspireerd om meer te exporteren en krijgen daarvoor praktische oplossingen aangereikt. Zo wordt informatie verstrekt via de app Nederland exporteert. Verder wordt een interactief kennisplatform opgesteld. De retailexport vanuit Nederland moet met deze maatregelen minimaal verdubbelen.

13. Nederland als aantrekkelijke internationale winkelbestemming
De Bijenkorf bedient zijn taxfree lounge de buitenlandse shopper al, maar ons land kan nog wel wat aantrekkelijker worden voor internationale consumenten. Zij besteden namelijk ongeveer zeshonderd miljoen euro aan winkelen. Vooral voor fysieke winkels is dat goed nieuws, omdat deze consumenten hier vooral de stenen winkels bezoeken. Met de Holland Shopping Alliance moet Nederland nog aantrekkelijker worden internationale consumenten.



14. Veiliger en slimmer (online) kopen
Dit jaar start een pilot met eID, de opvolger van DigiD. Consumenten hebben met eID één inlogsleutel om bij elke webwinkel te shoppen, zodat ze een one-click-buy-ervaring krijgen. Om te zorgen dat eID voldoende draagkracht krijgt moet de consument het zowel online als offline bij dezelfde retailer kunnen gebruiken. Als de pilot succesvol is, worden in 2016 de vijf grootste webwinkels uit ons land gevraagd om aan te sluiten bij eID.

15. Nieuwe concepten in de binnenstad bevorderen
Consumenten vragen om vernieuwing en beleving en retailers proberen dat met onder meer blurring te bieden. Daarbij werkt de traditionele regelgeving belemmerend, ziet het ministerie van Economische Zaken. De Amsterdamse conceptstore Hutspot opende bijvoorbeeld in één vestiging een horeca-afdeling, maar moest die weer sluiten.

Daarom gaat het ministerie van Economische Zaken de ministeries van Volksgezondheid en Veiligheid en Justitie adviseren over nieuwe winkelconcepten binnen bijvoorbeeld de Drank- en Horecawet. In binnensteden zal het strikte onderscheid tussen functies op bepaalde plekken worden losgelaten.



16. Pilot verlichte regels winkelgebieden
In onder meer Alkmaar, Rotterdam en Zwolle start in april een proef waarbij de regels rond winkelgebieden worden verlicht. Doel is om innovatie en samenwerking tussen retailers, horeca-ondernemers en vastgoedeigenaren te versterken. Regels die deze ontwikkelingen afremmen kunnen dan (tijdelijk) worden opgeschort of aangepast. De partijen gaan volgens het ministerie de maximale experimenteerruimte in de regelgeving opzoeken.

17. Regeldruk verminderen in de retail
Retailers en brancheorganisaties geven aan welke knelpunten zij ervaren binnen de wet- en regelgeving, waarna er met de overheid een actieplan wordt opgesteld met mogelijke oplossingen. Uiteindelijk kan dat ervoor zorgen dat de overheid haar wetgeving aanpast.

18. Financiering voor het mkb
Retailers moeten gedegen investeringsbeslissingen kunnen nemen en de weg naar passende financiering kunnen vinden. Daarom moet goede informatie over dit onderwerp beschikbaar komen. Daarnaast wordt het financieringsaanbod voor retailers vergroot, door onder meer het MKB Impulsfonds. Het Pensioenfonds Detailhandel steekt daar veertig miljoen euro in. Retailers kunnen hier leningen aanvragen om hun groeiambities te verwezenlijken.

19. Gezamenlijke kennis als voorwaarde voor besluitvorming
Op één of twee te ontwikkelen open source kennisplatformen wordt kennis en data ingebracht over de ontwikkelingen binnen retail en winkelgebieden. Vanuit dit platform worden onder meer onderzoeken gestart en nieuwe businessmodellen en concepten gedeeld, die voor iedereen toegankelijk zijn.

20. Private en publieke partijen bundelen krachten voor implementatie
De implementatie van de afspraken wordt gemonitord door de Regiegroep Retailagenda. Er komt een zogenoemd RetailTeam beschikbaar om organisaties met gerichte expertise te begeleiden bij de uitvoering van de bovengenoemde afspraken.