Retailagenda stelt definities van winkeloppervlakten vast

Retailagenda stelt definities van winkeloppervlakten vast

De Retailagenda wil met de introductie van uniforme definities een einde maken aan de verwarring rond de aanduiding van winkeloppervlakten. De richtlijn is opgesteld door een werkgroep onder leiding van IVBN en NRW, met als doel dat die door alle gebruikers in de retail- en vastgoedsector wordt gehanteerd.

Momenteel zijn er in de winkelvastgoedmarkt meerdere begrippen in omloop, zoals bruto verkoopoppervlak (bvo), verhuurbare vloeroppervlak (vvo) en winkelvloeroppervlak (wvo). Dat leidt volgens de Retailagenda tot onduidelijke situaties, ‘tot aan de Raad van State toe’.

De werkgroep heeft een notitie opgesteld met een uitgebreide uitleg van de definities en in welke situaties ze worden toegepast. Zo geldt in het geval van de bvo de oppervlaktenorm NEN 2580 als basis voor het bepalen van de oppervlakte die onder meer wordt gebruikt in bestemmingsplannen en bepalen van de planvoorraad. Vvo is de geijkte maatstaf voor taxaties en huurcontracten, terwijl wvo wordt gebruik voor marktonderzoek en benchmark van winkelgebieden.

De Retailagenda werkt nu aan vaste ‘omrekenregels’ tussen bvo, vvo en wvo. Ook volgt nog een definiëring van de begrippen leegstand, planvoorraad en plancapaciteit en een koppeling met de drie verschillende oppervlaktetypen.

Reacties

Laatste nieuws









RetailTrends