Familiebedrijven worden weleens de ruggengraat van de economie genoemd. Ook in de retail legden ze het fundament voor verschillende grote merken. Werken met familie heeft zo zijn voordelen. Al zijn er ook valkuilen.
Vroeger moesten zijn studenten er niet aan dénken om te werken bij een familiebedrijf. Te suf. Te saai. Anno nu is dat volgens Roberto Flören, RSM hoogleraar Familiebedrijven en Bedrijfsoverdracht aan Nyenrode Business Universiteit, volledig gekanteld. Het familiebedrijf staat er veel beter op, niet in de laatste plaats vanwege de toegenomen waardering voor het ondernemerschap. Familiebedrijven worden gezien als een baken van authenticiteit en betrouwbaarheid. “Een groot voordeel is ook dat ze vaak gefinancierd zijn met veel eigen vermogen. Daarmee zijn ze minder vatbaar voor de grillen van externe financiers en houden ze zelf de zeggenschap”, zegt de hoogleraar.
De familie zit er niet voor het kortetermijngewin. Gemiddeld blijven directeuren er volgens Flören 22 jaar aan, tegenover 7 jaar in niet-familiebedrijven. Het past bij een langetermijnstrategie en continuïteit, belangrijke pijlers die...