Samenwerken, anders produceren, spullen langer gebruiken en vooral: de consument meekrijgen. Tijdens Sustainable Retail, een event van RetailTrends en Q&A Retail, kwamen uiteenlopende uitdagingen en oplossingen voor verduurzaming van Nederlandse retailers voorbij. Een samenvatting van de dag in 7 quotes.
'Doe het niet alleen, want dan red je het niet'
- Peter Paul Kleinbussink, directeur Intratuin
Intratuin-directeur Peter Paul Kleinbussink ziet samenwerking als een voorwaarde voor de verduurzaming van de tuinsector. De tuinketen werd in 2014 wakker geschud door een onderzoek van Greenpeace naar gifplanten in tuincentra. Wat begon met ontkenning en weerstand - ook bij Kleinbussink zelf, geeft hij grif toe - groeide in 12 jaar uit tot een verduurzamingsprogramma dat de hele keten moet veranderen. "We moeten die hele keten tot aan de veredelaar toe op een andere manier laten denken."
Dat vraagt om samenwerking met onder meer kwekers, branchegenoten en overheden. Ook intern moeten keuzes worden gemaakt. Zo neemt Intratuin afscheid van leveranciers die niet aan strengere eisen willen voldoen, waardoor soms...
Samenwerken, anders produceren, spullen langer gebruiken en vooral: de consument meekrijgen. Tijdens Sustainable Retail, een event van RetailTrends en Q&A Retail, kwamen uiteenlopende uitdagingen en oplossingen voor verduurzaming van Nederlandse retailers voorbij. Een samenvatting van de dag in 7 quotes.
'Doe het niet alleen, want dan red je het niet'
- Peter Paul Kleinbussink, directeur Intratuin
Intratuin-directeur Peter Paul Kleinbussink ziet samenwerking als een voorwaarde voor de verduurzaming van de tuinsector. De tuinketen werd in 2014 wakker geschud door een onderzoek van Greenpeace naar gifplanten in tuincentra. Wat begon met ontkenning en weerstand - ook bij Kleinbussink zelf, geeft hij grif toe - groeide in 12 jaar uit tot een verduurzamingsprogramma dat de hele keten moet veranderen. "We moeten die hele keten tot aan de veredelaar toe op een andere manier laten denken."
Dat vraagt om samenwerking met onder meer kwekers, branchegenoten en overheden. Ook intern moeten keuzes worden gemaakt. Zo neemt Intratuin afscheid van leveranciers die niet aan strengere eisen willen voldoen, waardoor soms bepaalde productgroepen uit het assortiment verdwijnen.
Inmiddels werkt Intratuin onder meer aan chemievrije teelt, een turfvrij assortiment en het gebruik van nuttige insecten in 20 winkels. "We moeten aan klanten laten zien: 'Zoemende beestjes in de winkel zijn normaal'."

'In ieder winkelcentrum een Droppie, dan is het inzamelprobleem opgelost'
- Natascha Hermsen, co-founder Droppie
"Als je dat doortrekt naar wereldniveau, dan zijn dat 4 gouden Eiffeltorens", zegt Natascha Hermsen, medeoprichter van Droppie, over de hoeveelheid waardevolle grondstoffen in oude, ongebruikte telefoons die wereldwijd ergens in een la liggen te verstoffen.
In Nederland zijn dat er volgens Hermsen naar schatting zo'n 20 miljoen. Dat is omgerekend zo'n 500 kilo aan goud, edelmetalen en andere waardevolle grondstoffen. Tegelijkertijd gaat volgens haar in Nederland voor zo'n 50 miljoen euro aan waarde verloren doordat materialen via de afvalcontainer in verbrandingsovens terechtkomen. "We zijn dus letterlijk geld aan het verbranden."
Een belangrijke oorzaak is volgens Hermsen dat recycling voor consumenten niet leuk, makkelijk of lonend genoeg is. Voor verschillende materialen zijn verschillende inzamelpunten nodig. Droppie wil dat eenvoudiger maken met 1 plek voor 24 materiaalstromen op locaties waar consumenten toch al komen, bijvoorbeeld om een pakketje op de post te doen of op te halen. Op dit moment heeft Droppie 15 vestigingen, nummer 16 opent over 2 weken zijn deuren in Almere.
Dat is ook voor retailers relevant. Vanaf 2028 zijn verkooppunten van flesjes en blikjes namelijk verplicht om statiegeldverpakkingen terug te nemen. Zelf innemen betekent dat hier winkeloppervlak voor moet worden 'opgeofferd'. Retailers kunnen consumenten onder voorwaarden doorverwijzen naar een ander inzamelpunt, maar moeten daar dan wel onderling afspraken over maken. Een centrale voorziening in bijvoorbeeld winkelcentra kan volgens Hermsen uitkomst bieden. "In ieder winkelcentrum een Droppie, dan is het inzamelprobleem opgelost."

'We beginnen gewoon, dan gaan we ervan leren en verder ontwikkelen'
- Laura Koedijk, head of sustainability Studio Anneloes
Studio Anneloes wacht niet af tot de specifieke Europese regels voor het digitale productpaspoort (DPP) voor kleding zijn vastgesteld. Het modemerk begon in 2023 al met de ontwikkeling ervan en heeft inmiddels ongeveer 80 procent van de collectie voorzien van een digitaal paspoort. Via een QR-code in het label kunnen klanten informatie over hun kledingstuk bekijken. "We beginnen gewoon, dan gaan we ervan leren en verder ontwikkelen", zegt Laura Koedijk, head of sustainability.
Het merk ziet het DPP niet alleen als een verplichting. Volgens Koedijk biedt het paspoort ook een kans om na de aankoop contact met de klant te houden en informatie over het product te delen. In de praktijk blijkt het echter nog lastig om consumenten zover te krijgen dat ze de QR-code scannen. Studio Anneloes ziet momenteel ongeveer 1.100 scans per maand. Zonder extra stimulans ligt de scanrate op dit moment rond de 2 procent.
Samen met studenten van TMO Fashion Business School en de Erasmus Universiteit onderzocht Studio Anneloes daarom welke boodschap consumenten wél tot scannen aanzet. Een praktische oproep middels een tag, zoals informatie over hoe een kledingstuk moet worden gewassen, leverde duidelijk meer scans op. Volgens Koedijk is er dan ook nog werk te doen voordat het DPP voor consumenten vanzelfsprekend wordt.

'Pleisters plakken heeft geen zin meer'
- Petra Morssinkhof, Plus Retail
Nederlanders drinken gemiddeld 3,5 koppen koffie per dag. De omzet in retail is gigantisch, meer dan een miljard per jaar. Maar van die miljoenenbusiness profiteert niet iedereen. De koffieboeren moeten hun waren vaak zelfs onder de kostprijs verkopen. Het gaat daarbij vaak om kleinschalige boeren: 80 procent van de koffieboeren die voor onze koffie zorgen heeft minder dan 2 hectare grond, maar zorgt wel voor 60 procent van de wereldwijde koffie op de markt, aldus Leontine Kokkeler van Fairtrade.
Die koffieproductie staat onder druk door onder andere klimaatverandering, vergrijzing en speculatie op de beurs. Volgens Petra Morssinkhof, verantwoordelijk voor kwaliteit en maatschappelijk verantwoord ondernemen bij Plus, zijn daarom structurele veranderingen nodig. "Pleisters plakken heeft geen zin meer. We moeten die openhartoperatie doen en zorgen dat het structureel in de basis is geregeld."
Plus zet al langer in op Fairtrade-producten. Nadat toenmalig ceo Sjaak de Korte in 2010 met Fairtrade naar Colombia reisde om de impact van handelsketens van dichtbij te zien, besloot de supermarktketen alleen nog Fairtrade-bananen te verkopen. Later volgden ook koffie, thee en cacao. Volgens Morssinkhof ligt de uitdaging nu in het creëren van meer zekerheid voor boeren, zodat zij kunnen investeren in een toekomstbestendige bedrijfsvoering.

‘Het is voor ons geen enkel probleem om tweedehands te verkopen’
- Maron van der Krieken, country sustainability manager IKEA
IKEA ziet veel potentie in tweedehands meubels, maar loopt daarbij tegen een praktisch probleem aan. "Alle IKEA's in Nederland hebben een tweedekanshoek. Spullen die daar binnenkomen, worden altijd binnen 12 uur verkocht", zegt country sustainability manager Maron van der Krieken. "Het is voor ons geen enkel probleem om tweedehands te verkopen. De uitdaging zit 'm in voldoende stock binnenkrijgen om te kunnen verkopen."
Volgens Van der Krieken vervangen veel consumenten bestaande meubels, maar nemen zij hun oude kast, tafel of bank niet automatisch mee terug naar de winkel. Daarnaast vormen vervoer en bereikbaarheid een drempel. Niet iedereen beschikt over een auto en wie er wel een heeft, kan er lang niet altijd grote meubels mee vervoeren.
"Wij willen alles doen voor de meerderheid van de mensen, en voor de meerderheid van de mensen is het nu niet mogelijk om hun oude product aan ons terug te verkopen", aldus Van der Krieken. De oplossing? "We moeten het simpelweg makkelijker maken."

'De meeste mensen weten gewoon niet dat een oude kapotte theedoek ook in de textielbak mag'
- Joris Aperghis, voorzitter Stichting UPV Textiel
Veel consumenten weten nog altijd niet wat er allemaal in de textielbak mag. Juist daar ligt volgens Stichting UPV Textiel een van de grootste uitdagingen voor de sector. Ongeveer de helft van het afgedankte textiel verdwijnt nog altijd bij het restafval en wordt verbrand, terwijl het kan worden hergebruikt of gerecycled.
Dat komt deels doordat consumenten denken dat alleen draagbare kleding mag worden ingeleverd. "De meeste mensen weten gewoon niet dat een oude kapotte theedoek ook in de textielbak mag", zegt Joris Aperghis, voorzitter van Stichting UPV Textiel.
Volgens hem is extra inzameling hard nodig om de doelstellingen voor hergebruik en recycling van textiel te halen. Daardoor blijft het activeren van consumenten een speerpunt voor de stichting.
Om die reden voert de stichting campagne rond het correct afdanken van textiel. Daarbij richt de organisatie zich nadrukkelijk op versleten en kapotte kledingstukken die nu nog te vaak in de vuilnisbak belanden.

'Met een kaartje voor het schap dat iets vegan is, verkopen we vaak minder'
- Henk van Harn, commercieel directeur Plus Retail
Consumenten zeggen vaak duurzaam te willen kopen, maar gedragen zich in de supermarkt niet altijd naar die intentie. Dat merken ze ook bij Plus. "Als wij een groen kaartje voor het schap hangen dat iets vegan is, en de week daarvoor hangt het kaartje er niet, verkopen we vaak minder", zegt commercieel directeur Henk van Harn tijdens een presentatie over consumentengedrag en verduurzaming.
Volgens Van Harn blijkt uit de praktijk dat sommige klanten afhaken zodra een product nadrukkelijk als vegan wordt gepresenteerd. "Dat neemt niet weg dat wij vegan en plantaardig in de schappen blijven zetten", zegt hij. De supermarkt ziet juist kansen wanneer de nadruk ligt op smaak, gebruiksgemak en toepassingsmogelijkheden.
Die aanpak past bij de visie van Plus op verduurzaming. In plaats van consumenten keuzes op te leggen, probeert de supermarkt duurzame alternatieven aantrekkelijker en toegankelijker te maken. Volgens Van Harn sluiten kleine, haalbare stappen beter aan bij het daadwerkelijke koopgedrag van klanten dan alleen een expliciete duurzaamheidsboodschap.
