Miller & Monroe moet een boete van honderdduizend euro betalen, waarvan de helft voorwaardelijk. Dat schrijft De Telegraaf. Reden voor de boete is de dood van een medewerkster van de inmiddels failliete kledingketen, door een bedrijfsongeval met een goederenlift in 2017. 

Volgens de rechtbank in Den Bosch is Miller & Monroe schuldig aan de dood van de 55-jarige vrouw. De vrouw was aan het werk in een filiaal in Geldrop toen ze kleding ophing in een open goederenlift op de eerste verdieping. De kleding kwam waarschijnlijk vast te zitten in de lift toen die naar beneden ging, waarna de vrouw deze los wilde halen en met haar hoofd en nek bekneld raakte. De medewerkster liep daarbij dermate ernstig hoofdletsel op dat ze kwam te overlijden. 

De rechter beoordeelde dat de kledingketen tekortschoot in de zorgplicht om een veilige werkomgeving te creëren. Het was tenslotte niet de eerste keer dat er een veiligheidsincident plaatsvond met dezelfde lift. Miller & Monroe nam de kledingzaak eerder dat jaar over van Charles Vögele en de leiding van het bedrijf ging ervanuit dat de zaak wel in orde zou zijn. Onterecht, aldus de rechter. 

In september 2019 ging Victory & Dreams Holding, merkhouder van Miller & Monroe, op de fles. Eerder dat jaar viel het doek voor Vidrea Retail, het bedrijf dat de 72 Nederlandse winkels van het merk exploiteerde. Vidrea Retail liet een schuldenberg van zeker 43 miljoen euro na. Het feit dat Miller & Monroe in staat van faillissement verkeert, doet niets af aan de boete. Wel is de helft van de opgelegde boete voorwaardelijk, omdat de rechter wil voorkomen dat na een eventuele doorstart opnieuw veiligheidsrisico's worden genomen.