Traditionele full-service supermarkten in heel Europa hebben last van de opmars van prijsvechters en nichespelers. Dat zeggen experts in Het Financieele Dagblad.

“De traditionele full-service supermarkten komen in de verdrukking”, stelt bijvoorbeeld hoogleraar retailmarketing Laurens Sloot. Zo ziet Albert Heijn in ons land zijn omzet al twee achtereenvolgende kwartalen afnemen en hebben de Britse keten Tesco en de Belgische branchegenoot Delhaize vergelijkbare problemen.

De full-service supers hebben volgens de kenners ruimte aan zowel de boven- als onderkant van de markt weggegeven. De kwaliteitswinkels wisten discounters jarenlang het hoofd te bieden door veel te investeren in marketing, hogere verkopen en kostenbesparingen en uiteindelijk weer te investeren in marketing, zegt Nick Harrison van de retailtak van adviesbureau Oliver Wyman. “Geholpen door de crisis kwamen discounters toch op. Veel mensen kwamen er toen mee in aanraking en merkten dat het helemaal niet zo belabberd was.”

Als reactie op de groei van discounters als Lidl en Aldi verschoven de ketens naar het midden van de markt. Tegelijkertijd sprongen formules in de ontstane leemte aan de bovenkant. “De service die Albert Heijn uit zijn winkels heeft gehaald zie je nu terug bij winkels als Marqt en EkoPlaza”, stelt analist Patrick Roquas van Rabobank.

De kwaliteitswinkels moeten volgens retailkenner Ton Bos een antwoord vinden op de professionaliseringsslag die de discounters hebben gemaakt, terwijl ze hun prijsniveau in stand hielden. Een mogelijk oplossing is daarnaast de lancering van een eigen discountformule. “Discount is de enige groeimarkt”, aldus Bos.

Roquas ziet minder in een de start van eigen prijsvechtersformule. “Discount is een vak apart. Ik zou zeggen: ‘schoenmaker blijf bij je leest’.” In het geval van Albert Heijn pleit hij voor het verhogen van de service en kwaliteit. “Zet bijvoorbeeld weer een gediplomeerd slager in de winkels en maak een paar slagen bij vers en kant-en-klaar.”