Vomar moet de ‘wachttijd’ van zijn werknemers na sluitingstijd uitbetalen. Dat heeft de kantonrechter in Alkmaar bepaald, schrijft De Telegraaf. Het personeel van de supermarktketen mag na sluitingstijd alleen gezamenlijk het pand verlaten, waardoor werknemers soms wel een kwartier moeten wachten.

Vomar hanteert deze regel vanuit veiligheidsoverwegingen. Een werknemer van het filiaal in IJmuiden daagde de keten voor de rechter om de wachttijd uitbetaald te krijgen, waarna Vomar ‘uit coulance’ vijf gewerkte uren vergoedde. De werknemer eiste vervolgens bij de kantonrechter in Alkmaar volledige terugbetaling over de periode van 2015 tot en met 2018. 

Volgens de advocaat van Vomar is er bij het wachten geen sprake van arbeid, waardoor het personeel geen recht op vergoeding heeft. De rechter was het daar echter niet mee eens, omdat de werknemer zich gedurende die periode beschikbaar houdt voor het bedrijf. De medewerker werd daarom 305 euro aan achterstallig loon toegekend.