HEMA verliest ook tweede van vijftien rechtszaken om winkelpanden

HEMA heeft ook in de rechtszaak om zijn winkel in Rotterdam te kunnen kopen aan het kortste eind getrokken. De warenhuisketen heeft in totaal vijftien procedures aangespannen vanwege het voorkeursrecht van koop in de huurovereenkomsten, zo blijkt uit de uitspraak van de rechtbank in Rotterdam.

In september oordeelde de rechtbank in Den Haag al dat HEMA zijn vestiging aan de Grote Marktstraat niet mag overnemen van verhuurder IEF. De andere procedures lopen in Alkmaar, Amersfoort, Amsterdam, Apeldoorn, Arnhem, Breda, Den Bosch, Groningen, Leeuwarden, Leiden, Maastricht, Utrecht en Zwolle.

De rechtszaken hebben betrekking op de winkelpanden die HEMA tot 2005 in bezit had, maar werden afgestoten door toenmalige eigenaren KKR en Alpinvest. De winkelketen en de investeerders spraken destijds af dat HEMA en voorkeursrecht van koop kreeg, in het geval IEF een koper voor de panden zou vinden. 

Toen de aandelen in het winkelvastgoed vorig jaar werden overgedragen aan een ander holding, trok HEMA aan de bel. De transactie betekende volgens de retailer dat ook het winkelpand is verkocht en dus het voorkeursrecht van koop van kracht is. De rechter in Rotterdam gaat daar echter niet in mee, zoals eerder ook in Den Haag het geval was.

Behalve HEMA probeert ook de Bijenkorf in aanmerking te komen voor het kopen van de warenhuizen. De Bijenkorf heeft in totaal vijf procedures aangespannen, maar werd ook al in Den Haag en Rotterdam in het ongelijk gesteld. De kosten van de procedures lopen in de tienduizenden euro’s.

RetailTrends